Ga naar hoofdinhoud

Branches

Tot nu toe heb je al je commits op één branch gemaakt: main. Een branch is een soort tijdlijn van commits. Met meerdere branches kun je parallel werken: één tijdlijn voor je werkende versie, een andere tijdlijn waar je experimenteert.

Waarom branches?

Stel: je website werkt en je wil een groot nieuw stuk toevoegen — een contactformulier bijvoorbeeld. Halverwege blijkt het niet goed te werken. Als je dat allemaal direct op main doet, is je werkende website nu kapot.

Met een feature-branch los je dit op:

  1. Je maakt een nieuwe branch (feature/contactformulier) vanaf main.
  2. Op die branch experimenteer je vrij — al je commits staan apart.
  3. Werkt het? Dan voeg je de branch samen met main (mergen).
  4. Werkt het niet? Dan gooi je de branch gewoon weg. main is niet veranderd.

Branches zijn vooral handig als je samenwerkt met anderen, maar ook solo zijn ze nuttig om experimenten en stabiele versies gescheiden te houden.

Aan de slag

Begin met Stap 1: een branch aanmaken.

Werk in dezelfde git-oefenen-map die je in de vorige tutorials hebt gemaakt.